Conceptueel bouwen maakt het mogelijk om sneller, efficiënter en goedkoper woningen te realiseren. Bovendien sluit het goed aan op circulair bouwen. Steeds meer woningcorporaties gaan daarom aan de slag met conceptueel én circulair bouwen, ziet Anne van Stijn, die bij branchevereniging Aedes met woningcorporaties werkt aan circulariteit. We stellen haar vier vragen.
1. Er wordt steeds vaker circulair en conceptueel gebouwd. Hoe kijkt Aedes naar deze ontwikkeling?
“Nederland staat voor een grote woonopgave. Woningcorporaties werken hard aan voldoende betaalbare woningen. Conceptueel bouwen speelt daarin een belangrijke rol. Corporaties kopen bij deze aanpak bestaande woningconcepten in, die vervolgens industrieel in fabrieken worden gebouwd.
Tegelijk is er veel vraag naar betaalbare bouwmaterialen, voor nieuwbouw, verduurzaming en onderhoud. Die materialen worden steeds schaarser, en hun prijzen schommelen sterk. Tegelijk draagt ons materiaalgebruik bij aan CO₂-uitstoot en milieuvervuiling. Circulair werken helpt corporaties om grip te krijgen op hun materiaalstromen.
Circulair en conceptueel bouwen sluiten goed op elkaar aan. Beide richten zich op optimalisatie, efficiëntie, standaardisatie, modulair bouwen en meer. In de Nationale Prestatieafspraken hebben corporaties afgesproken om — binnen een haalbaar kostenplaatje — circulair te bouwen bij nieuwbouw en renovaties. Aedes ziet dat steeds meer corporaties hiermee aan de slag gaan, of plannen maken om te starten met conceptueel én circulair bouwen.”
2. Welke kansen biedt (circulair) conceptueel bouwen voor corporaties?
“Circulair en conceptueel bouwen biedt woningcorporaties veel kansen. Conceptueel bouwen maakt het mogelijk om sneller, efficiënter en goedkoper woningen te realiseren.
Gemiddeld is conceptueel bouwen 22% goedkoper en 16 maanden sneller dan traditioneel bouwen. Een woning is gemiddeld € 45.000 goedkoper. Zo kun je vier woningen bouwen voor de prijs van drie traditionele. En dat zónder concessies aan de kwaliteit.
Het verschil in kosten en snelheid ontstaat door standaardisatie, innovatieve oplossingen en fabrieksmatige productie, wat zorgt voor minder verspilling en lagere arbeidskosten. De grootste financiële winst wordt geboekt in de bouwfase, door herhaling van bewezen concepten en lagere materiaalkosten. Ook tijdens de gebruiksfase zijn er voordelen, zoals langere garanties en efficiënter onderhoud. Daarnaast biedt het kansen om duurzame materialen vanaf het begin mee te nemen in het ontwerp en productieproces.”
3. Wat betekent het voor corporaties om circulair en conceptueel te gaan bouwen? Vraagt het bijvoorbeeld om een andere benadering van de uitvraag? Heeft het impact op interne processen?
Waar moet je als corporatie rekening mee houden?
“Deze manier van bouwen vraagt een andere werkwijze van zowel aanbieders als corporaties. Bij conceptueel bouwen koopt een corporatie een bestaand woningconcept in. De corporatie bepaalt het wat en waarom: het doel van de huisvesting, het woningtype en de prestatie-eisen. Het hoe — de bouwmethode, materialen en techniek — laat ze over aan de markt.
Dit vraagt om een andere rolverdeling in projectteams en intensievere begeleiding. Ook is flexibiliteit belangrijk, omdat een standaardoplossing soms moet worden aangepast aan lokale wensen.
Voor circulair bouwen komen daar extra stappen bij. Corporaties moeten circulaire prestatie-eisen stellen in de uitvraag, selectie en toetsing. Circulair bouwen is nog geen standaardpraktijk. Het is daarom belangrijk om binnen de organisatie, én met aanbieders, op tijd het gesprek te voeren. Denk aan het meenemen van circulariteit in beleid, financiën en projectkeuzes. Ook het onderhoudsteam moet zich voorbereiden op een circulaire aanpak.”
4. Is circulair en conceptueel bouwen een thema binnen Aedes? Zo ja, wat doet Aedes op dit gebied?
“Ja, circulair en conceptueel bouwen is een belangrijk thema binnen Aedes. We zetten ons actief in om corporaties te ondersteunen. Een van onze initiatieven is het programma Bouwstromen, een inkoopsamenwerkingsprogramma waarin woningcorporaties samen woningconcepten inkopen. Daarnaast hebben we, samen met het Netwerk Conceptueel Bouwen, zowel een woonstandaard als de ‘conceptenboulevard’ ontwikkeld.
Daarnaast werken we via het Lenteakkoord 2.0 samen met de bouwsector aan circulaire, conceptuele nieuwbouw. Koplopers delen kennis en lossen knelpunten samen op. Voor corporaties die net starten met circulair bouwen, introduceren we binnenkort praktische kennisinstrumenten. Zoals een stappenplan en een tool om zelf een ‘menukaart’ samen te stellen met haalbare circulaire materialen.”
